|
|
|
Ik
wantrouw altijd de mensen die beweren dat ze tijdens het
vliegen zo lekker gegeten hebben, die hebben volgens mij
geen verstand van lekker eten. Ik geef toe dat het mij
wel eens is overkomen dat het eten tijdens een vlucht
mij smaakte, doch meestal proef ik weinig tot niets. Ik
kan uit ervaring spreken want ik vlieg gemiddeld 25 tot
30 keer per jaar, meestal binnenlands in Indonesia maar
ook 2 keer per jaar heen en weer tussen Nederland en
Indonesia. De laatste vluchten gaan altijd met Garuda
daar hun service mij het beste uitkomt: van deur tot
deur Solo – Amsterdam lukt met hun in 22 uur. Als ik
om 16.30 uur te Solo Baru voor Rp 30.000 in de
Kosti-taksi stap, stap ik de volgende dag in Amsterdam
om 9.30uur voor 35€ uit de ATC-taxi. Voor mij geldt
hoe korter ik in het vliegtuig zit op zo een lange
vlucht hoe beter en let in dit geval niet op het
prijskaartje. Trouwens ik heb in het verleden wel eens
goedkope vluchten geprobeerd en vind het een misdaad om
5 uur of meer ergens in de zandbak in het Midden Oosten
op een vliegveld waar een biertje 9 € kost op
vertraagde aansluiting te wachten. Bij Garuda tel ik
rustig € 500 meer neer om in de premium klasse te
zitten, lekkere brede stoelen en uitstekende service.
Ik
vloog met de GA 227 van Solo naar Cengkareng, dat
duurt 50 minuten. Op de korte vluchten van Garuda krijgt
men altijd een doos met versnaperingen en wat te
drinken. Veel van de Indonesiërs stoppen de doos in hun
bagage om deze thuis aangekomen als oleh2 aan te bieden.
Aan de inhoud van het doossie is wel te merken dat
Garuda zijn vluchten naar Solo ook tegen superlage
prijzen aanbiedt om te kunnen concurreren met Lion Air.
Sinds de komst van deze maatschappij is de prijs van een
ticket Solo naar en van Jakarta gehalveerd. Het
minipizaatje van voorheen is vervangen door een broodje
met 3 bijna onzichtbare stukjes kaas dr op, de zoete
versnapering is een onbetekenend keekje geworden in wit
en gifgroen alleen de KitKat reep is gebleven, nou daar
doe je mij geen plezier mee, want veels te zoet en de
chocolade heeft een vals smaakje ik krijg er ook niet
het jonge gevoel van zoals in de Indonesische TV spots
wordt gesuggereerd..
Op Cengkareng aangekomen kon ik meteen via de Imigrasi,
om mijn paspoort te laten stempelen, want op de airport
in Solo heb ik mijn boardingpass voor de GA974 naar AMS
al gehad en gaat mijn bagage rechtstreeks van vliegtuig
naar vliegtuig. Aan het imigrasiloket naast mij stond
een buitenlander die het gedeelte van de landingskaart
dat “may not be removed from your passport” kwijt
was. Een gouden kans voor de immigratieambtenaren om
deze buitenlander zijn laatste rupiah’s afhandig te
maken alsof hij een misdaad begaan heeft waar jaren
gevangenisstraf op staat. Een half uur later zag ik de
man met een uiterst somber gezicht op het vliegveld
rondlopen. Deze ging terug naar zijn thuisland wetende
dat in Indonesia de meeste oplichters per km2 wonen.
Terwijl de imigrasi het zelfgecreëerde probleem had
kunnen oplossen om de man gewoon een nieuwe
landingskaart te laten invullen. Dit stukje papier dient
nergens toe en heeft niets met het visum te maken. Een
toerist die een paar weken in de RI verblijft weet
natuurlijk niet dat Indonesische functionarissen hun
eigen regeltjes ter plekke maken.
|
|

|
|
De 2 uur die ik nog op Cengkareng moet wachten dood ik
door wat Bintang draft te drinken en nog een zootje
Gudang Garam Surya te roken want ook op de vluchten van
Garuda mag niet meer gerookt worden. Ik ga in de
rookruimte van Bali Plaza zitten tussen de andere
verslaafden. Voor me een pul Bintang voor Rp23.000 aan
de bar gehaald. Ondanks dat er bij de kassa stond
“Please ask for your receipt. If you don’t get a
receipt your meal/drink is for free” heb ik dit niet
gedaan, want ik weet dat Indonesiërs altijd op
oneerlijke wijze geld voor hun zelf aan het bijsjoemelen
zijn ik verlaat graag met deze gedachte het land, men
moet mensen tenslotte in hun “waarde” laten. Ik lees
het bordje 4 keer en ben er van overtuigd dat geen van
de Bintangdrinkers om een receipt vraagt. Trouwens ik
begrijp de mededeling niet zo erg want voor wie is het
“for free”
Licht in het hoofd van de alcohol en nicotine begeef ik
me naar gate E6, waar al een lange rij wachtenden voor
de detectiepoortjes van de bagagecontrole staat, een
keurige rij, de eerste die ik in maanden in Indonesia
zie, want bijna allemaal Westerlingen en die dringen
niet zo als die ongedisciplineerde Indonesische
boomapen. Voor de bagagecontrole koop ik nog even snel
een half pondje kacang monyet, erg voedzaam en lekker,
je weet nooit waar het goed voor is. In de wachtruimte
aangekomen zie ik al dat het vliegtuig stampend vol is.
Veel Australiërs en Duitsers, Garuda vliegt niet meer
op Londoh en Frankfurt. Het boarden gaat vrij vlot, ik
kom op stoeltje 62C (aisle) vlak naast de pantry bij een
normaal ogend echtpaar te zitten, godzijdank, niet te
dik, want als het vet onder de leuninkjes door golft is
dat afzien. Eigenlijk zouden ze die vette mensen dubbel
moeten laten betalen, als ik in een restaurant twee
biefstukken eet, wordt ik ook geacht er voor twee te
betalen. De herconfrontatie met de westerse wereld in
een volgeladen Boeing 747-400 op Cengkareng doet mij
altijd schrikken, veel vette soortgenoten met
afgrijselijke gezichten, lijkt wel een horrorfilm,
vrouwen die met hun 125 kilootjes eigenlijk in een
canvas tent horen te lopen zie je in korte broek en
zonder bh, een belediging voor de ogen. Ook is er bij de
heren der schepping sprake van veel zwaargewichten. In
gedachten streel ik nog even het slanke figuur van mijn
vriendin, ik zal het 6 weken zonder haar moeten doen.
Wel veel onelegante vette reten en te grote tieten zien,
getver wat een vooruitzicht.
Het vliegtuig vertrekt een half uur te laat, omdat op
tijd vertrekken in Indonesia niet kan. Al vrij snel
wordt het eten rondgedeeld. Rijst met…ja met wat. De
rijst is een soort nasi goreng, waarbij iets van
bijzonder taai rundvlees, waarbij twee stukjes gare
paprika, wat mij doet vermoeden met goulash te maken te
hebben. Naast het geheel liggen nog een paar zeer dooie
sawi blaadjes, dat was misschien als voedsel voor het
rund bedoeld. Een kruimelig rond broodje met echte
boter, een dessert dat bestaat uit een soort gebakken
schuitje met fruit dat ik niet herken en gelei erover,
mierzoet. Ook nog het verplichte bakje met een stukje
ananas, papaya en meloen. Dat eet ik allang niet meer in
het vliegtuig want dat lijkt altijd lang geleden
klaargemaakt. Aan vers fruit kom ik in Indonesia niets
tekort. Bij de maaltijd witte wijn. Tijd voor koffie is
er niet omdat Singapore snel nadert moet er snel
afgeruimd worden. Het enigste wat me smaakte was het te
oude broodje vanwege de boter.
In Singapore mag men er even uit, iedereen moet langs
een infrarode temperatuurmeter om op Sars te
controleren.De aankomst is op terminal D Gate 45, om
naar terminal C te lopen waar gerookt mag worden en de
winkels zijn duurt 10 minuten, vlug nog een kretekkie in
de verslaafdenzone en omdat ik toch nog Sin$ heb scoor
ik nog taxfree een fles Johnnie Walker Black Label van
1,125 liter, Mijn medicijn om straks in Holland weer te
wennen, mijn vaderland ziet het er het beste uit gezien
door een verwekte roes.
Zonder noemenswaardige vertraging vertrekt het vliegtuig
voor de 12 en een ½ uur naar Amsterdam. Na het uitdelen
van de dekentjes en hoofdtelefoon is er al snel weer
eten. Er is zelfs keuze uit drie maaltijden, nasi lemak,
coconut rice en noodles. Ik neem de noodles, want 7
maanden elke dag rijst enz, enz. Toen de noodles
opgediend werden was de rest op de tray hetzelfde als
bij de vorige maaltijd. De bakmi bestond uit een half
pakje krullende Indomie met daar een grote hoeveelheid
vlees in twee kleuren bovenop. Ik nam aan dat het witte
vlees ayam was en het andere, bruine misschien bebek of
zo, het smaakte nergens naar, er zat zelfs geen sambal
bij. Met veel vlees doet men mij geen plezier, ik leef
op Java bijna vegetaries, omdat de bevolking ook zo
leeft, dus aangepast en ik heb op mijn leeftijd ook niet
zoveel calorieën nodig heb, word je alleen maar vet en
lui van. Tahu en tempe daar komt een mens heel ver mee.
De witte wijn en het broodje waren het enige wat me
smaakte.
Na de maaltijd viel ik onmiddellijk in slaap, de wijn en
de Bintang daarvoor deden hun heerlijke werk. Slechts af
en toe uit mijn gedroom gewekt door een vette zachte
heup van een kamerolifant die zich door de gangpaden
worstelde. Pas ergens boven Turkije werd ik weer echt
wakker en dan is het nog maar 3,5 uur naar AMS. Het
wachten op het ontbijt kon beginnen, gelukkig duurde dat
niet zo lang. Er was weer keuze nl. nasi goreng en
omlet. Ik nam de omlet, daar kreeg ik spijt van. De omelet zat aan de bodem van het bakje vastgeplakt,
erbovenop een soort aardappelkoek, een gegrild worstje
met kippensmaak. Het donkere streepje dat gegrild
worstje moest suggereren was gewoon geverfd. Er lag nog
iets bij dat op iets met champignons leek. Het ergste
was dat het geheel nog ijs- en ijskoud was, alleen
brandde ik mijn handen aan het bakje. Erbij een
croissant van een paar dagen oud met boter en jam. Plus
de eeuwige stukken fruit dit keer opgefleurd met een
halve aardbei en een bakje yoghurt. Ik heb maar een
Bintang genomen en toen nog eentje.
|
|
 |
|
|
Sarapan
- Ontbijt |
|
|
Tijdens de vlucht drie keer eten gehad en drie keer echt
slecht. Volgens mij is het enige doel van het serveren
van eten op lange vluchten om de passagier een uurtje
bezig te houden, een stukje entertainment tussen de
verveling door, I felt not amused. Gelukkig waren we
snel in Amsterdam en snel uit het vliegtuig. Bij de
paspoortcontrole stroomden de mensen uit alle richtingen
bijeen, een chaos van jewelste. Er brak al snel een
ruzie uit tussen twee groepen provincialen met vreemde
accentjes, misschien Friezen en Tukkers, de
ondertiteling was niet leesbaar, het werd bijna een
handgemeen. Ik ging maar vlug ergens veraf staan.
Menselijk geschreeuw hoor ik op Java bijna nooit. Ik kan
ook slecht tegen mensen die geïrriteerd uit een
vliegtuig stappen. Na dit eindeloze wachten stond de
bagage natuurlijk niet op de goede band, maar na veel
heen en weer geloop kwam mijn koffer er snel uit en
stond er geen douane bij de groene “Nothing to declare”
deur, die werken zeker niet op zondagochtend.
Buitengekomen een laaghangende bewolking waaruit de
regen druilde, Nederland wenst mij Selamat Datang bij 12
graden Celsius. Snel een ATC taxi genomen, waarvan de
chauffeur een Pakistani bleek te zijn, een bijzonder
aardige vent, of misschien leek het maar zo. Voor mijn
huis aangekomen haalde hij de bagage uit de achterbak en
wenste me een prettig verblijf in Amsterdam toe. Toen ik
mijn tas oppakte rolde er een zakje uit en zag ik ineens
mijn kacang monyet op het asfalt terecht komen. Ach
vergeten deze apenootjes. Ik deed de deur open en ging
naar binnen. Toen ik door het raam de Amsterdamse grijze
luchten bewonderde zag ik de duiven van de Dam zich heel
druk tegoed doen aan de cashewnoten op de weg, een
welkome afwisseling op het brood en de patat. Een
tropische verassing op het asfalt van Amsterdam Oud
West.
|
|
|
|
Solo
18 december 2003 |
|